ECLI:NL:CRVB:2015:4329
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit college over toekenning huishoudelijke hulp op grond van Wmo
Appellante heeft een aandoening aan het ademhalingsstelsel en andere klachten die haar beperken bij het huishouden. Het college heeft haar een persoonsgebonden budget toegekend voor hulp bij het huishouden, bestaande uit twee uur per week, waarvan 90 minuten voor zwaar huishoudelijk werk en 15 minuten voor wasverzorging. Het college heeft het bezwaar van appellante tegen dit besluit ongegrond verklaard omdat er geen medische noodzaak was voor extra tijd voor licht huishoudelijk werk.
In hoger beroep stelde appellante dat zij door haar longaandoening geen stof kan afnemen en daardoor ook de was niet kan ophangen of strijken. Zij betwistte de deskundigheid van de adviseurs van het college. De Raad heeft het dossier onderzocht, inclusief medische adviezen van Scio Consult en een brief van de longarts uit 2011.
De Raad concludeert dat het onderzoek zorgvuldig is en dat er geen aanwijzingen zijn voor een medische noodzaak om tijd toe te kennen voor licht huishoudelijk werk. De deskundigheid van de adviseurs wordt niet betwijfeld. Ook de brief van de longarts ondersteunt niet dat appellante deze lichte werkzaamheden niet kan verrichten. Verder is het verschil in toegekende uren verklaarbaar door de verandering van woningtype. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit van het college bevestigd.