ECLI:NL:CRVB:2015:4640
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkverklaring bezwaar tegen mededeling over invoering trekkingsrechten pgb
Appellant ontving een persoonsgebonden budget (pgb) voor 2013 van het Zorgkantoor. In het besluit van 9 januari 2014 werd medegedeeld dat de betaling van het pgb in de toekomst via trekkingsrechten zou verlopen, beheerd door de Sociale Verzekeringsbank (SVB). Appellant maakte bezwaar tegen deze mededeling omdat hij het onjuist vond dat de betalingen via de SVB zouden verlopen.
Het Zorgkantoor verklaarde het bezwaar ongegrond, waarna appellant beroep instelde bij de rechtbank. De rechtbank oordeelde dat de mededeling over de trekkingsrechten een algemene informatieve aard had en niet gericht was op rechtsgevolg. Hierdoor was het bezwaar niet-ontvankelijk en vernietigde de rechtbank het bestreden besluit.
In hoger beroep stelde appellant dat de mededeling wel rechtsgevolg had omdat hij de negatieve gevolgen voorzag. De Centrale Raad van Beroep bevestigde echter het oordeel van de rechtbank dat de mededeling geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht was en dat het bezwaar terecht niet-ontvankelijk was verklaard. Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar wordt bevestigd.