ECLI:NL:CRVB:2015:47
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet gegrond tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens anticumulatieregeling
Appellant had hoger beroep ingesteld tegen drie uitspraken van de rechtbank Limburg betreffende de hoogte van zijn ouderdomspensioen op grond van de Algemene Ouderdomswet. De Raad van Beroep had het hoger beroep in één van deze zaken niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht slechts eenmaal was betaald terwijl dit tweemaal geheven was, op basis van de anticumulatieregeling die slechts op twee van de drie zaken werd toegepast.
In het verzet tegen deze beslissing oordeelt de Raad dat de anticumulatieregeling in deze bijzondere omstandigheden op alle drie de zaken moet worden toegepast. Hierdoor is appellant niet in verzuim geweest in de nu voorliggende zaak en wordt het verzet gegrond verklaard. De uitspraak van 23 september 2014 vervalt en het onderzoek wordt voortgezet.
De Raad zal de drie zaken met nummers 14/438 AOW, 14/439 AOW en 14/442 AOW gezamenlijk behandelen. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tevens wordt benadrukt dat deze uitspraak geen voorbarige uitspraak doet over andere zaken van appellant.
Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard en de niet-ontvankelijkverklaring wordt herroepen.