ECLI:NL:CRVB:2015:472
Centrale Raad van Beroep
- Eerste en enige aanleg
- A. Beuker-Tilstra
- R. Kooper
- B.J. van de Griend
- Rechtspraak.nl
Weigering periodieke uitkering op grond van de Wubo wegens ontbreken causaal verband met oorlogsinvaliditeit
Appellant, geboren in 1944, heeft meerdere verzoeken ingediend om toekenning van uitkeringen krachtens de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 (Wubo). Hoewel in 1996 erkend werd dat appellant door oorlogsomstandigheden was getroffen, werd een periodieke uitkering geweigerd vanwege het ontbreken van blijvende invaliditeit. Diverse herzieningsverzoeken in 1999, 2007, 2008 en 2009 werden afgewezen.
In 2013 werd na nieuw medisch onderzoek vastgesteld dat appellant wel degelijk sprake had van blijvende invaliditeit als gevolg van de geverifieerde calamiteiten. Verzoeken om toeslagen en vergoedingen werden toegekend, maar de aanvraag voor een periodieke uitkering werd afgewezen omdat het ontslag in 2003 niet aan de oorlogsinvaliditeit werd toegeschreven.
Appellant voerde aan dat zijn ontslag het gevolg was van psychische klachten door oorlogservaringen, maar de Raad achtte de medische rapporten en het ontbreken van medische consulten in die periode doorslaggevend. De Raad concludeerde dat het standpunt van verweerder dat het ontslag niet door de oorlogsinvaliditeit werd veroorzaakt, niet onjuist was en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van een periodieke uitkering op grond van de Wubo wordt ongegrond verklaard.