Uitspraak
CAK
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant en zijn partner ontvingen in 2011 minder dan 26 weken huishoudelijke verzorging, waardoor appellant niet tot de rechthebbenden voor de tegemoetkoming op grond van de Wet tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten (Wtcg) behoort.
De rechtbank had reeds geoordeeld dat de indicatie voor huishoudelijke hulp uitsluitend op naam van de partner stond en dat de wettelijke bepalingen geen ruimte bieden om de tegemoetkoming aan iemand anders toe te kennen. Appellant voerde aan dat bijzondere omstandigheden, zoals verhuizing, maakten dat zij feitelijk geen gebruik maakten van de zorg, maar dit werd niet relevant geacht.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn bezwaren over het vertrouwens- en zorgvuldigheidsbeginsel, maar de Raad sloot zich aan bij het oordeel van de rechtbank en bevestigde het bestreden besluit. Er werd geen schadevergoeding toegekend en het verzoek om proceskosten werd afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aanvraag voor tegemoetkoming wordt afgewezen.