ECLI:NL:CRVB:2015:4783
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- E.E.V. Lenos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging schuldig nalatigverklaring niet betalen AOW-premies 2005 en 2006
Appellant werd door de Sociale verzekeringsbank (Svb) schuldig nalatig verklaard voor het niet betalen van premies volksverzekeringen over 2005 en 2006. De rechtbank verklaarde de beroepen van appellant ongegrond en stelde dat geen omstandigheden aanwezig waren die het niet betalen konden rechtvaardigen.
In hoger beroep voerde appellant psychische problemen, financiële moeilijkheden, dakloosheid en een echtscheiding aan als verzachtende omstandigheden. Hij overhandigde onder meer een echtscheidingsbeschikking en een uittreksel uit het Handelsregister ter onderbouwing.
De Raad beoordeelde dat de bewijslast om niet-toerekenbaarheid aan appellant lag en concludeerde dat de omstandigheden onvoldoende waren om het niet betalen niet aan appellant toe te rekenen. De Raad oordeelde dat het ontbreken van een vaste woonplaats en uitschrijving uit de GBA bewust was om onvindbaar te zijn. Ook het ontbreken van psychische behandeling na 2011 onderbouwde het verweer niet.
Verder werd meegewogen dat appellant vanaf 2005 en 2006 in loondienst was met regelmatige inkomsten, wat het niet betalen niet rechtvaardigde. De Raad bevestigde daarom de eerdere uitspraak en verklaarde appellant schuldig nalatig. Een proceskostenveroordeling werd niet opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellant schuldig nalatig is in het niet betalen van de AOW-premies over 2005 en 2006.