ECLI:NL:CRVB:2015:484
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- C.H. Bangma
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- Rechtspraak.nl
Beoordeling disciplinaire maatregelen en inhouding bezoldiging wegens ongeoorloofd verzuim ambtenaar gemeente Den Helder
Betrokkene, werkzaam bij de gemeente Den Helder, kreeg wegens ongeoorloofd verzuim in de periode 31 januari tot 10 februari 2011 inhouding van haar bezoldiging opgelegd, een schriftelijke berisping en een voorwaardelijk ontslag met tenuitvoerlegging. De rechtbank verklaarde deze besluiten grotendeels onterecht en vernietigde ze.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het verzuim in genoemde periode terecht als ongeoorloofd is aangemerkt, omdat betrokkene haar werkzaamheden niet hervatte zonder geldige medische reden, ondanks waarschuwingen en medisch advies. Daarmee is de inhouding van bezoldiging gerechtvaardigd.
De schriftelijke berisping wordt eveneens bevestigd vanwege plichtsverzuim, waaronder het weigeren van gesprekken met leidinggevenden en bruuske uitlatingen. Het voorwaardelijk ontslag en de tenuitvoerlegging daarvan worden echter vernietigd omdat betrokkene niet plichtsverzuim pleegde door haar werk niet te hervatten onder dezelfde leidinggevenden terwijl het arbeidsconflict voortduurde en medische adviezen stelden dat werkhervatting onder andere leiding wenselijk was.
De Raad veroordeelt appellant tot vergoeding van proceskosten aan betrokkene. De uitspraak van de rechtbank wordt op onderdelen vernietigd en op andere bevestigd.
Uitkomst: Inhouding bezoldiging en schriftelijke berisping worden bevestigd, voorwaardelijk ontslag wordt vernietigd.