ECLI:NL:CRVB:2015:536
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering na uitgebreid medisch onderzoek
Appellant viel in februari 2010 uit wegens fysieke en psychische klachten en verzocht om een WIA-uitkering. Het UWV stelde na verzekeringsgeneeskundig en arbeidskundig onderzoek vast dat appellant minder dan 35% arbeidsongeschikt was, waardoor geen recht op uitkering ontstond. Appellant maakte bezwaar en voerde aan dat zijn psychische en lichamelijke beperkingen onvoldoende waren meegewogen, mede door een verslechterde psychische toestand.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel. De Raad oordeelt dat het UWV een deugdelijk gemotiveerde medische beoordeling heeft verricht, waarbij ook informatie van behandelaars is betrokken. De psychische en fysieke beperkingen zijn adequaat in de Functionele Mogelijkhedenlijst opgenomen.
De Raad ziet geen aanleiding voor het aannemen van een urenbeperking of het benoemen van een deskundige. Ook de arbeidsdeskundige beoordeling dat appellant passend werk kan verrichten wordt onderschreven. Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de weigering van de WIA-uitkering bevestigd.