ECLI:NL:CRVB:2015:560
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Ontslag ambtenaar wegens verstoorde arbeidsverhoudingen en impasse in samenwerking
Appellante was sinds 2001 werkzaam bij de AIVD als registrator. Na meerdere overplaatsingen wegens moeizame verhoudingen met collega’s, werd zij uiteindelijk solistisch geplaatst. Diverse functioneringsgesprekken toonden aan dat haar communicatie en houding als problematisch werden ervaren, met achterdocht en conflicten als gevolg.
Ondanks afspraken over training en overleg, hield appellante zich niet aan de gemaakte afspraken en weigerde zij verslagen te maken. Tijdens het laatste functioneringsgesprek in juni 2010 weigerde zij een cadeaubon en sprak zij haar gebrek aan vertrouwen in haar leidinggevende uit, wat leidde tot beëindiging van het gesprek.
De minister concludeerde dat de verhoudingen in een impasse waren geraakt, waardoor voortzetting van het dienstverband niet langer van hem kon worden gevergd. De Raad oordeelde dat de minister bevoegd was tot ontslag op andere gronden dan onbekwaamheid en dat de AIVD geen overwegend aandeel had in de impasse. De rechtbank en de Raad wezen het beroep van appellante af en bevestigden het ontslagbesluit.
Uitkomst: Het ontslag van appellante wegens verstoorde arbeidsverhoudingen wordt bevestigd.