ECLI:NL:CRVB:2015:668
Centrale Raad van Beroep
- Schadevergoedingsuitspraak
- Rechtspraak.nl
Schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn in WAO-procedure
Verzoekster heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank in een procedure over aanspraken op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO). De procedure duurde bij de uitspraak van de Raad ruim zes jaar, waarbij het vermoeden bestond dat de redelijke termijn was overschreden.
De Raad heeft het onderzoek heropend en beoordeeld of de redelijke termijn, zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro, was overschreden. Hierbij werden factoren zoals de complexiteit van de zaak, de behandeling door bestuursorgaan en rechter, het procesgedrag van verzoekster en het belang van het bestreden besluit meegewogen.
De Raad concludeerde dat de totale duur van de procedure meer dan vier jaar was en dat de rechterlijke fase met twee jaar en elf maanden was overschreden. Op basis van eerdere jurisprudentie werd een schadevergoeding van €500 per half jaar overschrijding passend geacht, wat resulteerde in een vergoeding van €3.000.
Daarnaast werd de Staat veroordeeld in de proceskosten van verzoekster, begroot op €490 voor rechtsbijstand ter zitting. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 6 maart 2015.
Uitkomst: De Staat wordt veroordeeld tot betaling van €3.000 schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.