ECLI:NL:CRVB:2016:1053
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen uitspraak rechtbank Noord-Nederland ongegrond wegens termijnoverschrijding
De zaak betreft een hoger beroep tegen een uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland van 20 mei 2015. De Minister van Economische Zaken was appellant en een betrokkene was verzetvoerder. De Centrale Raad van Beroep heeft op 3 maart 2016 uitspraak gedaan over het verzet.
De Raad overwoog dat de gronden van het hoger beroep niet tijdig waren ingediend, wat betekent dat de appellant de wettelijke termijn heeft overschreden. Tijdens de zitting gaf de gemachtigde van appellant aan dat er sprake was van een vergissing bij de berekening van de termijn, maar dit werd niet als een verschoonbare omstandigheid aangemerkt.
De Raad concludeerde dat er geen andere omstandigheden waren die de termijnoverschrijding konden rechtvaardigen. Daarom werd het verzet ongegrond verklaard en bleef de eerdere uitspraak van de rechtbank in stand.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard vanwege niet tijdig ingediende gronden van het hoger beroep.