Appellant, geboren in 1968, vroeg een Wajong-uitkering aan wegens rugklachten en psychische aandoeningen zoals ADHD en een persoonlijkheidsstoornis. Het UWV wees de aanvraag af omdat appellant volgens de arbeidsdeskundige minder dan 25% arbeidsongeschikt was, mede omdat geen beperkingen waren aangenomen voor psychische klachten op 17/18-jarige leeftijd.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond wegens strijd met de Awb, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand. Appellant ging in hoger beroep en stelde dat er wel degelijk beperkingen aanwezig waren op 17/18-jarige leeftijd, gebaseerd op medische stukken en een brief van psychiater Slot. Het UWV betoogde dat het ontbreken van medische gegevens op die leeftijd het vaststellen van beperkingen bemoeilijkte.
De Raad oordeelde dat er voldoende aanknopingspunten zijn om beperkingen voor ADHD en persoonlijkheidsproblematiek op 17/18-jarige leeftijd aan te nemen, zoals ook was vastgesteld in een eerdere FML uit 2007. De Raad vernietigde daarom het bestreden besluit en droeg het UWV op een nieuw besluit te nemen waarin deze beperkingen worden meegenomen, gevolgd door een nieuwe arbeidskundige beoordeling. Tevens werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van appellant.