ECLI:NL:CRVB:2016:1155
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- B.J. van de Griend
- C.H. Bangma
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Afwijzing Wubo-aanvraag wegens ontbreken van relevante oorlogsgebeurtenissen
Appellant, geboren in 1943 in voormalig Nederlands-Indië, verzocht in januari 2012 om voorzieningen op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 (Wubo). Zijn aanvraag werd afgewezen omdat niet is vastgesteld dat hij gebeurtenissen heeft meegemaakt die onder de Wubo vallen. Dit besluit werd na bezwaar gehandhaafd.
De Raad beoordeelde dat de verklaringen en het sociaal rapport onvoldoende bewijs boden voor directe betrokkenheid van appellant bij relevante oorlogsgebeurtenissen. Ook alternatieve woonplaatsen en verklaringen van familieleden boden geen aanknopingspunten. Een verklaring over beschietingen van een ziekenhuis werd niet als voldoende bevestiging van directe betrokkenheid gezien.
Het beroep van appellant werd daarom ongegrond verklaard. Wel werd vastgesteld dat de procedure de redelijke termijn had overschreden, waardoor verweerder en de Staat elk werden veroordeeld tot een schadevergoeding van €500 wegens deze overschrijding. Een proceskostenveroordeling werd niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en appellant ontvangt een schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.