ECLI:NL:CRVB:2016:1324
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vergoeding proceskosten en wettelijke rente na intrekking hoger beroep wegens tegemoetkoming UWV
Appellant stelde hoger beroep in tegen een beslissing van het UWV. Tijdens de procedure nam het UWV een gewijzigde beslissing op bezwaar waarbij geheel aan de bezwaren van appellant werd tegemoetgekomen. Hierdoor trok appellant het hoger beroep in en verzocht het UWV te veroordelen in proceskosten en schadevergoeding.
De Raad overwoog dat op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) het bestuursorgaan bij intrekking van het beroep wegens tegemoetkoming aan de indiener kan worden veroordeeld tot vergoeding van schade en kosten. De Raad veroordeelde het UWV tot vergoeding van de proceskosten in bezwaar, beroep en hoger beroep, begroot op in totaal € 2.976,-.
Daarnaast werd het UWV veroordeeld tot betaling van wettelijke rente over de na te betalen uitkering, conform eerdere jurisprudentie. Vergoeding van het griffierecht dient appellant rechtstreeks bij het UWV te vorderen. Het onderzoek ter zitting werd achterwege gelaten met toestemming van partijen.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van € 2.976,- en betaling van wettelijke rente over de na te betalen uitkering.