Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade af;
- wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Centrale Raad van Beroep
Verzoeker had studiefinanciering ontvangen tot en met juni 2012, maar deze werd beëindigd per 1 januari 2012 omdat hij niet langer stond ingeschreven bij een onderwijsinstelling. De minister vorderde het teveel betaalde bedrag van € 2.308,74 terug. De rechtbank verklaarde het beroep van verzoeker ongegrond en oordeelde dat de minister bevoegd was tot beëindiging en terugvordering.
Verzoeker stelde dat hij ten onrechte was uitgeschreven bij zijn onderwijsinstelling en betwistte de beëindiging van studiefinanciering. De voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de uitschrijving een zaak is tussen verzoeker en de onderwijsinstelling, en dat de Raad geen oordeel kan geven over de juistheid van de uitschrijving.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard, het verzoek om schadevergoeding afgewezen en ook het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen. De uitspraak bevestigt dat de rechten op studiefinanciering gekoppeld zijn aan inschrijving bij een onderwijsinstelling en dat geschillen hierover niet via de minister maar via de onderwijsinstelling moeten worden opgelost.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard, de studiefinanciering blijft beëindigd en het verzoek om schadevergoeding en voorlopige voorziening wordt afgewezen.