Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek tot vergoeding van schade af.
Centrale Raad van Beroep
Appellante heeft zich ziek gemeld vanwege de ziekte van Bechterew en verzocht om een WIA-uitkering. Het UWV stelde na onderzoek vast dat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt was, waardoor geen recht op uitkering bestond. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond omdat de medische gegevens geen aanwijzingen gaven voor meer beperkingen dan vastgesteld.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat haar beperkingen werden onderschat en dat zij vaak hulp nodig had bij eenvoudige huishoudelijke taken, evenals aanvullende voorzieningen ontving van de gemeente. De Raad onderschreef echter het oordeel van de rechtbank dat de medische en arbeidskundige grondslagen juist waren vastgesteld en dat de voorzieningen door de gemeente niet relevant zijn voor de WIA-toets.
Verder bleek uit de stukken geen extreem ziekteverzuim, en was niet aannemelijk dat in de toekomst een verzuim van meer dan 25% zou optreden. Het nader ingediende rapport van de arbeidsdeskundige bevestigde dat de geselecteerde functies binnen de belastbaarheid van appellante vielen.
De Raad verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde het bestreden besluit. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de WIA-uitkering bevestigd.