ECLI:NL:CRVB:2016:1701
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening studiefinanciering naar thuiswonende norm en terugvordering
De minister van Onderwijs heeft appellant vanaf 1 september 2012 studiefinanciering toegekend op basis van de norm voor uitwonende studenten. Later is dit herzien naar de norm voor thuiswonenden omdat uit de gemeentelijke basisadministratie bleek dat appellant onder hetzelfde adres als zijn ouders stond ingeschreven. De minister vorderde de te veel betaalde studiefinanciering terug.
Appellant voerde aan dat hij feitelijk vanaf 15 augustus 2012 elders woonde en dat het onterecht was dat hij geen uitwonendenbeurs kreeg omdat hij zich niet had ingeschreven bij de gemeente. Ook stelde hij dat de minister hem niet tijdig had geïnformeerd over de adresafwijking, terwijl de DUO-website destijds nog waarschuwingsbrieven vermeldde.
De Raad oordeelde dat appellant geen nieuwe feiten had ingebracht en onderschreef het oordeel van de rechtbank dat de minister geen aanleiding had om de hardheidsclausule toe te passen. De informatie op de DUO-website betrof een eerdere wettelijke regeling en de minister was niet verplicht om onder de nieuwe regeling dezelfde informatie te verstrekken. De adrescontrole vond pas plaats na een aanvullende beursaanvraag, waardoor de herziening tijdig en rechtmatig was.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt hiermee de eerdere uitspraak en wijst het beroep van appellant af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening van studiefinanciering naar de thuiswonendennorm en wijst het beroep af.