ECLI:NL:CRVB:2016:1730
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- C.H. Bangma
- M. Kraefft
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering herwaardering functie met ICT-component bij ministerie
Appellant, werkzaam bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken sinds 1985, was geplaatst op een ambassade in een functie met schaal 8 die later werd gewijzigd naar schaal 7. Hij verzocht herhaaldelijk om herwaardering van zijn functie vanwege ICT-gerelateerde werkzaamheden die volgens hem niet adequaat waren opgenomen in de functiebeschrijving.
De minister weigerde terug te komen op het eerdere besluit tot waardering, waarna appellant bezwaar maakte. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep stelde appellant dat zijn functie onjuist was beschreven en dat vergelijkbare functies elders hoger waren gewaardeerd. Tevens voerde hij aan dat hem een hogere schaal was toegezegd, waarop hij zijn dienstverband had verlengd.
De Raad oordeelde dat appellant geen concrete ICT-werkzaamheden had genoemd die niet in de functiebeschrijving waren opgenomen en dat verschillen met andere functies wezenlijk waren. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde omdat geen ondubbelzinnige toezegging was aangetoond. De Raad bevestigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.