Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
NK
DÉCISION
groupe d’assurés.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant, geboren in 1938 en met de Marokkaanse nationaliteit, heeft een AOW-pensioen aangevraagd dat door de Sociale verzekeringsbank (Svb) is afgewezen wegens onvoldoende bewijs van verblijf of werk in Nederland.
Na een verzoek tot herziening en bezwaar bleef de Svb bij haar afwijzing. Appellant stelde in hoger beroep dat hij in 1971 en 1972 bij een bakkerij in Utrecht had gewerkt en noemde getuigen die dit konden bevestigen.
De Raad oordeelde dat deze feiten al bekend waren bij het oorspronkelijke besluit en dat er geen nieuwe bewijsstukken waren overgelegd. Het onderzoek van de Svb was zorgvuldig en het beroep is ongegrond verklaard.
De Raad bevestigt daarmee het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank Amsterdam, waarbij het verzoek tot herziening is afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om herziening van het AOW-besluit wordt afgewezen.