Uitspraak
OVERWEGINGEN
(…)
(…)
(…).’
Centrale Raad van Beroep
Betrokkene was langdurig ziek en volledig arbeidsongeschikt sinds maart 2007 en werkte administratief op arbeidstherapeutische basis. De Minister van Veiligheid en Justitie verleende ontslag wegens ziekte op grond van artikel 98 ARAR Pro, gebaseerd op een WIA-beschikking die herstel binnen zes maanden na twee jaar arbeidsongeschiktheid uitsloot.
De rechtbank oordeelde aanvankelijk dat de onderzoeksplicht niet was nagekomen omdat onduidelijk was of herstel binnen zes maanden mogelijk was, en vernietigde het besluit. De Raad heropende het onderzoek en benoemde een psychiater die bevestigde dat herstel niet te verwachten was binnen de termijn, mede gebaseerd op het verzekeringsgeneeskundig verslag dat eensluidende conclusies van deskundigen bevatte.
De Raad concludeerde dat de Minister terecht op de WIA-beschikking mocht vertrouwen en dat het ontslagbesluit aan de wettelijke vereisten voldeed. Het hoger beroep van betrokkene werd ongegrond verklaard, het eerdere vonnis vernietigd en het besluit van 2 september 2010 gehandhaafd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en het ontslagbesluit wegens ziekte wordt bevestigd.