Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:CRVB:2016:2606

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
28 juni 2016
Publicatiedatum
12 juli 2016
Zaaknummer
15/6531 BABW-V
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 8:55 AwbArt. 8:108 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzet niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang na overlijden betrokkene

De Centrale Raad van Beroep behandelde het verzet tegen een eerdere uitspraak over een gereserveerde gehandicaptenparkeerplaats die was aangevraagd voor betrokkene. Het hoger beroep was eerder niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening. Tijdens de procedure werd gemeld dat betrokkene was overleden, waardoor het procesbelang voor het hoger beroep en het verzet verviel.

Gezien het ontbreken van een actueel belang verklaarde de Raad het verzet niet-ontvankelijk. Er werd tevens bepaald dat het betaalde griffierecht van € 123,- aan de indiener van het hoger beroep wordt terugbetaald. Een veroordeling in de proceskosten werd niet opgelegd.

De beslissing is genomen door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep, waarbij geen partijen ter zitting verschenen. De uitspraak bevestigt dat het overlijden van een betrokkene het procesbelang kan doen vervallen, waardoor verdere behandeling van het geschil niet mogelijk is.

Uitkomst: Het verzet wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang na overlijden betrokkene.

Uitspraak

Datum uitspraak: 28 juni 2016
15/6531 BABW-V
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak, bedoeld in de artikelen 8:55, zevende lid, en 8:108, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Limburg van 30 juli 2015, 14/1414 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
de erven en/of rechtverkrijgenden van [betrokkene], laatstelijk gewoond hebbende te [woonplaats]
het college van burgemeester en wethouders van Venray
Zitting heeft: T.G.M. Simons
Griffier: N. Talhaoui
Ter zitting is niemand verschenen

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep
- verklaart het verzet niet-ontvankelijk;
- bepaalt dat het in hoger beroep betaalde griffierecht van € 123,- door de griffier van de
Centrale Raad van Beroep wordt terugbetaald.

GRONDEN VAN DE BESLISSING

Bij uitspraak als bedoeld in de artikelen 8:54 en 8:108 van de Algemene wet bestuursrecht van 24 februari 2016 heeft de Raad het door thans wijlen [betrokkene] (betrokkene) ingestelde hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak niet-ontvankelijk verklaard omdat het hogerberoepschrift niet tijdig is ingediend.
De moeder van betrokkene heeft de Raad op 13 juni 2016 bericht dat betrokkene is overleden.
De aangevallen uitspraak heeft betrekking op een besluit over de indertijd ten behoeve van betrokkene aangevraagde gereserveerde gehandicaptenparkeerplaats. Met het overlijden van betrokkene is het belang aan een inhoudelijke beoordeling van het hoger beroep, en dus ook aan een inhoudelijke beoordeling van het verzet, komen te ontvallen. Dit betekent dat het verzet vanwege het ontbreken van procesbelang niet-ontvankelijk moet worden verklaard.
De Raad ziet aanleiding te bepalen dat het in hoger beroep betaalde griffierecht wordt terugbetaald.
Voor een veroordeling in de proceskosten van het verzet is geen aanleiding.
Waarvan proces-verbaal.
De griffier De voorzitter
(getekend) N. Talhaoui (getekend) T.G.M. Simons

UM