ECLI:NL:CRVB:2016:2607
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzet ongegrond wegens niet betalen griffierecht in hoger beroep bestuursrecht
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland. Dit hoger beroep werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet was voldaan.
In het verzet stelde de gemachtigde van appellante dat het onrechtvaardig en principieel onjuist was dat appellante een aanzienlijk griffierecht moest betalen om een evident onjuiste uitspraak te laten toetsen door de hogerberoepsrechter. De Raad oordeelde dat in het verzet geen feiten of omstandigheden waren aangevoerd die het verzuim konden rechtvaardigen.
Ook een beroep op betalingsonmacht werd niet tijdig gedaan binnen de daarvoor gestelde termijn. Daarom werd het verzet ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 28 juni 2016.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard omdat het griffierecht niet is betaald.