ECLI:NL:CRVB:2016:2760
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bezwaar tegen jaaropgave bijstand niet-ontvankelijk verklaard omdat jaaropgave geen besluit is
Appellante, een bijstandsgerechtigde, ontving van de Dienst Werk en Inkomen Amsterdam een jaaropgave over 2013. Zij stelde dat zij in dat jaar geen bijstand had ontvangen omdat het UWV haar met terugwerkende kracht een WW-uitkering had toegekend. Appellante verzocht het college om correctie van de jaaropgave, maar het college verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat een jaaropgave geen besluit is in de zin van de Algemene wet bestuursrecht.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond. Appellante ging in hoger beroep en stelde dat de jaaropgave wel rechtsgevolgen heeft, onder meer voor toeslagen en belastingaangifte, en dat de onjuistheid frustratie veroorzaakte.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de jaaropgave slechts feitelijke informatie bevat en geen besluit is waartegen bezwaar mogelijk is. De verrekening van de bijstand met de WW-uitkering betekent niet dat de bijstand niet is verstrekt. De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de jaaropgave 2013 is niet-ontvankelijk verklaard omdat de jaaropgave geen besluit is.