ECLI:NL:CRVB:2016:3070
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M. Hillen
- A. Stehouwer
- J.H.M. van de Ven
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenverplichting door verzwegen geldtransacties
Appellante ontving sinds 2003 bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). De gemeente Amsterdam ontdekte via de Financial Intelligence Unit dat appellante tussen juli 2007 en februari 2010 negentien verdachte transacties uitvoerde ter waarde van bijna €20.000. Het college herzag de bijstand en vorderde een deel terug.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, omdat zij de inlichtingenverplichting had geschonden door de transacties niet te melden. Appellante voerde aan dat het college de bijstand integraal terugvorderde, wat de rechtbank niet volgde. Ook werd vastgesteld dat appellante geen draagkracht heeft om terug te betalen.
In hoger beroep herhaalde appellante haar standpunten, maar de Raad vond geen reden om het oordeel van de rechtbank te wijzigen. De Raad bevestigde dat appellante de transacties heeft uitgevoerd en niet heeft gemeld, waardoor zij de inlichtingenverplichting schond. Het hoger beroep werd verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de terugvordering van bijstand wegens schending van de inlichtingenverplichting bevestigd.