ECLI:NL:CRVB:2016:3218
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening bijzondere bijstand eigen bijdrage zorghotel
Verzoeker ontvangt sinds 1996 bijstand en vroeg bijzondere bijstand voor de eigen bijdrage van verblijfskosten in een zorghotel. Het college van burgemeester en wethouders van Nijmegen wees dit verzoek af, omdat er een passende en toereikende voorliggende voorziening was. De rechtbank verklaarde het beroep van verzoeker ongegrond. Verzoeker stelde in hoger beroep een voorlopige voorziening te willen treffen om alsnog bijzondere bijstand te verkrijgen.
De voorzieningenrechter overwoog dat een verzoek om voorlopige voorziening een actueel spoedeisend belang vereist. Hoewel verzoeker stelde dat hij een lening had afgesloten om de eigen bijdrage te betalen en daardoor niet in zijn levensonderhoud kon voorzien, werd dit niet met stukken onderbouwd. De kosten waren bovendien al betaald, waardoor geen spoedeisend belang bestond.
Daarom voldeed het verzoek niet aan de voorwaarden van artikel 8:81 Awb Pro en werd het verzoek om voorlopige voorziening als kennelijk ongegrond afgewezen. Er werd geen aanleiding gezien voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens gebrek aan actueel spoedeisend belang.