ECLI:NL:CRVB:2016:3488
Centrale Raad van Beroep
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- Rechtspraak.nl
Intrekking en terugvordering bijstand wegens niet gemelde geldtransacties onvoldoende gemotiveerd
Appellante ontving bijstand op grond van de Wet werk en bijstand als alleenstaande ouder sinds 2005. In 2014 werd een proces-verbaal opgemaakt waarin werd vastgesteld dat appellante tussen maart en november 2009 betrokken zou zijn geweest bij 22 money transfers ter waarde van € 37.567,-. Op basis hiervan trok het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam haar bijstand over die periode in en vorderde de gemaakte kosten terug.
Appellante betwistte de betrokkenheid bij de transacties en voerde aan dat haar paspoort sinds 2006 vermist was, waarvan zij in 2011 aangifte deed. Zij overlegde bankafschriften waaruit bleek dat zij op transactiedagen elders was. Het college baseerde haar besluit op een uitdraai van de FIU-database zonder nadere bewijsstukken zoals tijdstippen, ontvangstbewijzen of kopieën van het paspoort.
De Raad oordeelde dat appellante voldoende gemotiveerd heeft betwist dat zij de transacties heeft verricht. Het college heeft het besluit niet deugdelijk gemotiveerd in strijd met artikel 7:12 Awb Pro. De Raad gaf het college opdracht om binnen zes weken het besluit te herstellen, zodat het geschil definitief kan worden beslecht.
Uitkomst: Het college wordt opgedragen het besluit tot intrekking en terugvordering van bijstand te herstellen wegens onvoldoende motivering.