ECLI:NL:CRVB:2016:3625
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bijzonder geval voor terugwerkende tegemoetkoming ouders gehandicapte kinderen
Appellante heeft een tegemoetkoming aangevraagd op grond van de Regeling tegemoetkoming ouders van thuiswonende gehandicapte kinderen (TOG). De Sociale Verzekeringsbank (Svb) kende een tegemoetkoming toe met ingang van het vierde kwartaal van 2014, maar wees een terugwerkende tegemoetkoming af omdat geen sprake was van een bijzonder geval.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en overwoog dat onbekendheid met de TOG-regeling en het niet beheersen van de Nederlandse taal geen bijzondere omstandigheden zijn. Ook was er geen sprake van onjuiste of onvolledige voorlichting door betrokken instanties. Appellante stelde in hoger beroep dat de Svb en andere instanties haar onvoldoende hadden geïnformeerd, waardoor sprake zou zijn van een bijzonder geval.
De Raad oordeelde dat volgens vaste rechtspraak onbekendheid met de TOG-regeling geen bijzonder geval oplevert. De aangevoerde omstandigheden, waaronder de financiële situatie en het ontbreken van informatie, rechtvaardigen geen afwijking van de ingangsdatum. Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd; geen terugwerkende tegemoetkoming.