ECLI:NL:CRVB:2016:3676
Centrale Raad van Beroep
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep wegens tegemoetkoming bestuursorgaan
Appellant stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam. Namens appellant werd het hoger beroep later ingetrokken omdat het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam met het besluit van 26 april 2016 geheel aan de bezwaren van appellant was tegemoetgekomen.
Op verzoek van appellant heeft de Centrale Raad van Beroep vervolgens het college veroordeeld in de proceskosten die appellant redelijkerwijs heeft moeten maken in verband met de behandeling van het hoger beroep. Het onderzoek ter zitting is achterwege gelaten met toestemming van partijen.
De proceskosten zijn begroot op € 496,- voor verleende rechtsbijstand. Voor het betaalde griffierecht kan appellant zich rechtstreeks tot het college wenden. De uitspraak is gedaan door rechter W.F. Claessens op 4 oktober 2016.
Uitkomst: Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam wordt veroordeeld tot betaling van € 496,- aan proceskosten aan appellant.