Uitspraak
OVERWEGINGEN
22 november 2013 ten grondslag gelegd.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant was werkzaam als koerier en chauffeur/loodsmedewerker en meldde zich ziek vanwege een verbrijzelde voet, waarbij psychische klachten op de voorgrond kwamen. Na medisch onderzoek werd hij per 7 oktober 2013 hersteld verklaard en werd zijn Ziektewetuitkering beëindigd. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, dat werd afgewezen door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv).
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, stellende dat de voetklachten niet objectief waren en de psychische klachten geen beletsel vormden voor werkhervatting. In hoger beroep betwist appellant deze beoordeling en stelt dat zijn psychische klachten en beperkingen zijn onderschat, mede gezien de aard van het chauffeurswerk.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de juiste maatstaf arbeid is de combinatie van tien uur koerier en dertig uur chauffeur/loodsmedewerker per week. Uit zorgvuldig medisch onderzoek, inclusief rapporten van verzekeringsartsen en een arbeidsdeskundige, blijkt dat appellant ondanks beperkingen in staat is deze werkzaamheden te verrichten. De Raad bevestigt daarom de eerdere uitspraak en het besluit tot beëindiging van de Ziektewetuitkering.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging van de Ziektewetuitkering omdat appellant ondanks psychische klachten in staat wordt geacht zijn werkzaamheden te verrichten.