ECLI:NL:CRVB:2016:3818
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag IOAW-uitkering wegens onvolledige en onjuiste woonadresinformatie
Appellant had een aanvraag ingediend voor een IOAW-uitkering en gaf daarbij een woonadres op waar hij sinds 2010 een kamer huurde. Tijdens een huisbezoek bleek echter dat appellant feitelijk niet op dat adres verbleef en hij kon geen concrete gegevens over zijn verblijf op andere adressen verstrekken.
Het college van burgemeester en wethouders van Zoetermeer wees de aanvraag af omdat appellant niet voldeed aan zijn inlichtingenplicht en het recht op uitkering daardoor niet kon worden vastgesteld. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit oordeel in hoger beroep.
De Raad benadrukte dat een aanvrager volledige en juiste informatie over zijn woon- en leefsituatie moet geven en dat het college deze gegevens moet controleren. Het ontbreken van concrete gegevens over het verblijf elders en het niet kunnen aantonen van een tijdelijk karakter van dat verblijf leidde tot de afwijzing. Ook het argument dat een latere toekenning van de uitkering op een andere periode duidde op het niet verplaatsen van het woonadres werd verworpen.
Uitkomst: De aanvraag voor een IOAW-uitkering wordt afgewezen wegens onvolledige en onjuiste informatie over het feitelijke woonadres.