ECLI:NL:CRVB:2016:3868
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J. Kraan
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening ontslagbesluit universitair medewerker
Verzoeker heeft bij de Centrale Raad van Beroep een verzoek ingediend tot herziening van eerdere uitspraken over zijn eervol ontslag wegens onbekwaamheid of ongeschiktheid. Hij stelde dat er valse beschuldigingen waren opgenomen in het advies van de bezwaaradviescommissie en dat rechters daardoor misleid zijn. Tevens voerde hij aan dat een proefschrift uit 2003 een positieve waardering van zijn functioneren bevatte, wat haaks zou staan op de ontslaggrond.
De Raad oordeelde dat het verzoek feitelijk een verzoek om herziening van de oorspronkelijke uitspraken uit 2005 en 2011 betreft. De toepasselijke wettelijke maatstaven vereisen dat nieuwe feiten of omstandigheden die voorheen niet bekend waren en tot een andere uitspraak zouden kunnen leiden, worden aangevoerd.
De Raad stelde vast dat de positieve passage in het proefschrift niet als nieuw feit kan worden aangemerkt omdat deze al redelijkerwijs bekend had kunnen zijn. Ook de stellingen over valse beschuldigingen hadden bij eerdere procedures ingebracht moeten worden. Het middel van herziening is niet bedoeld voor een hernieuwde discussie over de zaak.
Daarom is het verzoek om herziening afgewezen. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door K.J. Kraan op 13 oktober 2016.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van het ontslagbesluit wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten die herziening rechtvaardigen.