ECLI:NL:CRVB:2016:3892
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek herziening beslissing terugvordering bijstand
Appellant had samen met een partner bijstand ontvangen en het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam had de bijstand van de partner ingetrokken en de kosten teruggevorderd wegens een gezamenlijke huishouding. Vervolgens werd ook van appellant een bedrag teruggevorderd. De rechtbank had het beroep tegen deze terugvordering niet-ontvankelijk verklaard vanwege het niet tijdig indienen van de beroepsgronden.
Appellant had daarna een verzoek tot herziening ingediend, dat door de rechtbank was afgewezen omdat niet was voldaan aan de cumulatieve voorwaarden van artikel 8:119 Awb Pro. In hoger beroep betwist appellant dat hij in verzuim was geweest bij het indienen van de beroepsgronden.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het bijzondere rechtsmiddel van herziening slechts kan worden toegepast indien sprake is van nieuwe feiten of omstandigheden die voorheen niet bekend waren en die tot een andere uitspraak zouden hebben geleid. Appellant heeft geen nieuwe feiten of omstandigheden aangevoerd die aan deze voorwaarden voldoen. De Raad bevestigt daarom de afwijzing van het verzoek tot herziening en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening wordt afgewezen en de aangevallen uitspraak wordt bevestigd.