ECLI:NL:CRVB:2016:3986
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Stehouwer
- P.W. van Straalen
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens niet gemeld inkomen
Appellant ontving bijstand en woonkostentoeslag en werd onderzocht na een heronderzoek door de gemeente Enschede. Uit bankafschriften en onderzoek bleek dat appellant bedragen van €3.000 en €2.500 van zijn moeder had ontvangen, die hij contant kreeg en op de bankrekening van zijn vriendin stortte. Het college van burgemeester en wethouders trok de bijstand over januari en maart 2013 in en herzag de bijstand over de periode oktober 2012 tot en met augustus 2013, waarbij €6.606,56 werd teruggevorderd.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij de bedragen nooit in handen had gehad en dat zijn moeder deze rechtstreeks aan zijn vriendin had gegeven. De Raad verwierp dit verweer omdat appellant zelf in een e-mail had verklaard de bedragen contant te hebben ontvangen en dit werd ondersteund door leenovereenkomsten waarin stond dat het krediet contant ter beschikking werd gesteld en direct op zijn rekening moest worden gestort.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarom het besluit van het college en de uitspraak van de rechtbank Overijssel. Er werd geen aanleiding gezien voor een veroordeling in de proceskosten. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer op 18 oktober 2016.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking en terugvordering van bijstand wegens niet gemeld inkomen.