ECLI:NL:CRVB:2016:4030
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde aanvraag bijzondere bijstand voor tandartskosten bevestigd
Appellant diende een herhaalde aanvraag in voor bijzondere bijstand ter vergoeding van tandartskosten, nadat een eerdere aanvraag was afgewezen omdat hij een aanvullende verzekering had kunnen afsluiten. Het college van burgemeester en wethouders van Utrecht wees de aanvraag opnieuw af, stellende dat geen sprake was van zeer dringende redenen om hiervan af te wijken.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep. De Raad oordeelde dat de herhaalde aanvraag inhoudelijk alleen kan worden getoetst indien sprake is van nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden, welke hier ontbraken.
Verder bevestigde de Raad dat de Zorgverzekeringswet als voorliggende voorziening geldt voor tandartskosten en dat het beleid van het college om bijzondere bijstand alleen toe te kennen bij het ontbreken van een aanvullende verzekering consistent en aanvaardbaar is. Omdat appellant geen aanvullende verzekering had en geen zeer dringende redenen kon aantonen, werd het beroep ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De afwijzing van de herhaalde aanvraag bijzondere bijstand voor tandartskosten wordt bevestigd wegens het ontbreken van nieuwe feiten en zeer dringende redenen.