ECLI:NL:CRVB:2016:4045
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging maatregel verlaging bijstand wegens tekortschietend besef verantwoordelijkheid
Appellant ontving bijstand sinds november 2014 en kreeg bij besluit van 26 november 2014 een verlaging van 50% van zijn bijstand voor één maand opgelegd wegens tekortschietend besef van verantwoordelijkheid, omdat hij volgens het dagelijks bestuur zelf ontslag had genomen bij zijn werkgever.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit, maar handhaafde de rechtsgevolgen. Appellant stelde in hoger beroep dat hij niet zelf ontslag had genomen, maar was weggestuurd door de werkgever. De Raad oordeelde dat het dagelijks bestuur onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat appellant tekortschietend besef had getoond. De verklaringen van appellant en werkgever liepen uiteen, en er was geen eenduidige feitelijke grondslag.
De Raad vernietigde de aangevallen uitspraak en het bestreden besluit, herroept het besluit van 26 november 2014 en bepaalt dat het dagelijks bestuur volledige bijstand moet betalen over december 2014. Tevens werd het dagelijks bestuur veroordeeld tot vergoeding van wettelijke rente en kosten van appellant.
Uitkomst: Het besluit tot verlaging van de bijstand wordt vernietigd en het dagelijks bestuur moet volledige bijstand betalen inclusief wettelijke rente en kosten.