Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- wijst het verzoek om vergoeding van belastingschade af;
- veroordeelt het Uwv in de proceskosten van appellante tot een bedrag van totaal € 1.960,- voor verleende rechtsbijstand en van totaal € 39,40 aan reiskosten.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
In deze zaak heeft de Centrale Raad van Beroep op 3 februari 2016 uitspraak gedaan naar aanleiding van een hoger beroep tegen een uitspraak van de rechtbank 's-Hertogenbosch. Appellante was door het UWV met ingang van 29 september 2010 in aanmerking gesteld voor een loongerelateerde WGA-uitkering voor vijf maanden tot 1 maart 2011. Na een tussenuitspraak werd het hoger beroep ingetrokken omdat het UWV aan de bezwaren van appellante tegemoet was gekomen.
Appellante verzocht de Raad om het UWV te veroordelen in de proceskosten en om schadevergoeding voor wettelijke rente over de nabetaling van de WIA-uitkering en de toeslag. Tevens vroeg zij vergoeding van belastingschade die mogelijk voortvloeit uit de nabetaling. De Raad oordeelde dat het UWV in de proceskosten moest worden veroordeeld, begroot op €1.960,- voor rechtsbijstand en €39,40 aan reiskosten.
Het verzoek om vergoeding van belastingschade werd afgewezen omdat er geen causaal verband was aangetoond tussen de gestelde toekomstige schade en het onrechtmatige besluit. Bovendien was onzeker of de schade daadwerkelijk zou worden geleden en wat de omvang daarvan zou zijn. De Raad wees erop dat vergoeding van griffierecht rechtstreeks bij het UWV kan worden gevraagd.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld in de proceskosten en het verzoek om vergoeding van belastingschade wordt afgewezen.