ECLI:NL:CRVB:2016:4409
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontheffing arbeidsverplichtingen op grond van Participatiewet na onderzoek verzekeringsarts
Appellant ontvangt sinds februari 2013 bijstand op grond van de Participatiewet. Het college van burgemeester en wethouders van Hoogeveen heeft een onderzoek laten verrichten door een verzekeringsarts van het UWV, die concludeerde dat appellant onvoldoende persoonlijk en sociaal functioneert vanwege een ernstige psychische aandoening, zonder diagnose of behandeling. Appellant is niet belastbaar voor arbeid of dagbesteding.
Het college heeft appellant voor de periode van 15 december 2014 tot 15 december 2015 ontheven van arbeidsverplichtingen. Appellant maakte bezwaar tegen deze tijdelijke ontheffing, maar het college verklaarde dit ongegrond en voegde toe dat na afloop van de termijn een onafhankelijke deskundige betrokken zal worden bij de beoordeling.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen het besluit ongegrond. In hoger beroep voert appellant aan dat de ontheffing ten onrechte slechts tijdelijk is en dat het college geen arbeidskundig onderzoek heeft verricht. De Raad oordeelt dat het medisch onderzoek voldoende is en dat appellant onvoldoende heeft aangetoond dat hij in aanmerking komt voor een langdurige ontheffing. Ook is het college niet verplicht een arbeidskundig onderzoek te verrichten wanneer de verzekeringsarts vaststelt dat appellant niet belastbaar is. Verder is het college niet bevoegd om een Wajong-uitkering te beoordelen.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep af. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de tijdelijke ontheffing van arbeidsverplichtingen en wijst het hoger beroep af.