ECLI:NL:CRVB:2016:4947
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J. Kraan
- M.T. Boerlage
- H. Lagas
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag wegens ernstig plichtsverzuim en valse verklaringen door politieambtenaar
Appellant, werkzaam als surveillant bij de politie, was gedurende zijn verlofperiode in augustus 2013 ongeoorloofd afwezig en deed hierover meerdere malen onjuiste verklaringen. Hij gaf aan dat zijn vrouw in een ziekenhuis in Kosovo was opgenomen, maar kon dit niet met geldige documenten onderbouwen. Onderzoek toonde aan dat de medische verklaringen vals waren en dat appellant op verschillende punten niet de waarheid sprak, onder meer over zijn verblijf, de aanschaf van een auto en de ziekenhuisopname van zijn echtgenote.
De korpschef legde appellant daarop met onmiddellijke ingang ontslag op wegens zeer ernstig plichtsverzuim. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat het ontslag niet onevenredig was. Appellant stelde in hoger beroep dat zijn verklaringen onder druk waren afgelegd en dat sprake was van een verstoorde arbeidsrelatie, maar kon dit niet aannemelijk maken.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde het oordeel van de rechtbank. De Raad vond dat appellant op meerdere punten niet naar waarheid had verklaard en dat het plichtsverzuim hem toerekenbaar was. Het verzoek tot het oproepen van getuigen werd afgewezen omdat dit niet zou bijdragen aan de beoordeling. De Raad oordeelde dat het ontslag gezien de ernst van het plichtsverzuim passend was en wees het verzoek tot schadevergoeding af.
Uitkomst: Het ontslag van appellant wegens ernstig plichtsverzuim wordt bevestigd en het verzoek tot schadevergoeding afgewezen.