ECLI:NL:CRVB:2016:5000
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering bijstand wegens onvolledige inlichtingen over alimentatie
Appellante was bijstandsgerechtigde die alimentatie ontving van haar ex-partner volgens een convenant. Zij gaf bij de aanvraag onjuiste informatie over de alimentatie en leverde het convenant pas later in. Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam herzag de bijstand en vorderde te veel betaalde bijstand terug.
De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond, waarna appellante hoger beroep instelde. Zij stelde dat zij aan haar inlichtingenverplichting had voldaan door het convenant in te leveren en dat de terugvordering beperkt moest worden op grond van de zesmaandenjurisprudentie en haar financiële situatie.
De Raad oordeelde dat appellante haar inlichtingenverplichting had geschonden door onjuiste en onvolledige informatie te verstrekken, onder meer door het convenant niet tijdig te overleggen en niet te melden dat de alimentatie deels werd verrekend met zorgpremies. De zesmaandenjurisprudentie was niet van toepassing omdat de besluiten na 1 juli 2013 waren genomen en de bevoegdheid tot terugvordering sindsdien gebonden is. Ook waren er geen dringende redenen om de terugvordering te matigen.
De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het verzoek tot schadevergoeding af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de terugvordering van te veel ontvangen bijstand wordt bevestigd.