Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellante, werkzaam als inpakster, meldde zich ziek op 3 december 2010 en ontving toen een WW-uitkering. Het UWV stelde vast dat zij per 30 november 2012 minder dan 35% arbeidsongeschikt was en daarom geen recht had op een WIA-uitkering. Na een periode van WW-uitkering meldde zij zich opnieuw ziek op 25 november 2013. Een verzekeringsarts verklaarde haar per 21 februari 2014 geschikt voor de functie van administratief medewerkster, waarna het UWV het recht op ziekengeld beëindigde.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat haar diverse klachten, waaronder longklachten, chronische hoest, heupklachten en medicatiegebruik, haar ongeschikt maken voor de geselecteerde functies. De Raad benoemde een onafhankelijke verzekeringsarts die meerdere rapporten uitbracht en concludeerde dat appellante beperkingen heeft, maar dat de functies administratief medewerker en samensteller nog passend zijn.
De Raad volgde het oordeel van de deskundige omdat dit gebaseerd was op een zorgvuldig, uitgebreid en consistent medisch onderzoek. Het bestreden besluit van het UWV is daarom op een juiste medische grondslag gebaseerd. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.