Betrokkene, een vreemdeling met een verblijfsvergunning, ontving voorzieningen op grond van de Regeling verstrekkingen asielzoekers (Rva 2005) en de Regeling Zorg Asielzoekers (RZA). Het Zorginstituut legde hem boetes op wegens het niet afsluiten van een zorgverzekering zoals vereist volgens de Zorgverzekeringswet (Zvw).
De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene gegrond en schorste de boetebesluiten. Het Zorginstituut ging in hoger beroep. De Raad oordeelde dat de Zvw en de Wet opsporing en verzekering onverzekerden zorgverzekering geen uitzondering kennen voor vreemdelingen met verblijfsvergunning die voorzieningen ontvangen op grond van de Rva 2005 en RZA, anders dan voor gedetineerden.
De Raad concludeerde dat het opleggen van boetes in deze situatie niet strookt met een redelijke uitleg van de artikelen 9a, 9b en 9c van de Zvw. Daarom herroept de Raad de boetebesluiten en bevestigt de overige uitspraken van de rechtbank.