ECLI:NL:CRVB:2016:755
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Beuker-Tilstra
- C.H. Bangma
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Terugvordering pensioen- en invaliditeitspremie op wachtgelduitkering ambtenaren
Appellanten, voormalige wethouders, ontvingen een wachtgelduitkering waarop ten onrechte geen pensioen- en invaliditeitspremie was ingehouden. Verweerder stelde vast dat deze premies alsnog moesten worden ingehouden en vorderde de te veel betaalde bedragen terug. Appellanten voerden aan dat zij niet hoefden te begrijpen dat er te veel was uitbetaald en dat verweerder niet bevoegd was tot inhouding van pensioenpremie op wachtgeld.
De Raad bekeek de toepasselijke wettelijke bepalingen, waaronder de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (Appa) en het bijbehorende Besluit, en concludeerde dat de inhouding van premies op wachtgelduitkeringen wettelijk is voorgeschreven. De onbekendheid van appellanten met deze regelgeving kon hen niet baten, aangezien zij geacht worden de wet te kennen.
Hoewel de fout bij verweerder lag, is dat niet doorslaggevend; de maatstaf is of appellanten redelijkerwijs hadden moeten begrijpen dat zij te veel ontvingen. De Raad vond dat dit het geval was en dat terugvordering daarom gerechtvaardigd is. De beroepen van appellanten werden ongegrond verklaard en de terugvordering bevestigd.
Uitkomst: De beroepen worden ongegrond verklaard en de terugvordering van pensioen- en invaliditeitspremies bevestigd.