ECLI:NL:CRVB:2017:1100
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Beoordeling loopbaanbevordering politieambtenaar met 'goede' beoordeling niet boven norm
Appellant, werkzaam bij de voormalige politieregio IJsselland, verzocht om bevordering van generalist GGP naar senior GGP op grond van het landelijk loopbaanbeleid. Dit beleid vereist een beoordeling boven de norm, wat volgens de regionale invulling betekent dat alleen beoordelingen 'uitstekend' of 'tegen uitstekend aan' in aanmerking komen, gecombineerd met een positief advies over verwachte geschiktheid.
Appellant had een 'goede' beoordeling, waarbij competenties voornamelijk op niveau 2 lagen, en ontving een negatief advies over verwachte geschiktheid. De korpschef wees het verzoek af, wat door appellant werd aangevochten. De rechtbank oordeelde dat de korpschef het begrip 'boven de norm' onjuist had uitgelegd, maar handhaafde de afwijzing vanwege het negatieve geschiktheidsadvies.
In hoger beroep stelde appellant dat de korpschef zijn beleid had gewijzigd en dat hij wel degelijk geschikt was. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de korpschef bevoegd was het begrip 'boven de norm' nader in te vullen en dat de gehanteerde uitleg binnen redelijke beleidsgrenzen bleef. De Raad verwierp het beroep van appellant en verklaarde het incidenteel hoger beroep van de korpschef gegrond, waarmee het eerdere vonnis werd vernietigd en het beroep ongegrond verklaard.
De uitspraak bevestigt dat een 'goede' beoordeling niet voldoet aan de criteria voor bevordering binnen het landelijk loopbaanbeleid politie, en benadrukt het belang van beleidsvrijheid binnen redelijke grenzen bij de invulling van beoordelingscriteria.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van bevordering blijft in stand.