ECLI:NL:CRVB:2017:1383
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beperking bijstandsverlening wegens onduidelijkheid woonsituatie en verantwoordelijkheid daklozenuitkering
Appellant, sinds 1994 zelfstandig ondernemer en in 2014 failliet verklaard, vroeg bijstand aan bij het college van burgemeester en wethouders van Helmond. Na een intakegesprek gaf hij aan zijn woning te verliezen, maar verstrekte daarna onvoldoende informatie over zijn woonsituatie. Het college verleende bijstand over de periode van 2 september tot 2 oktober 2014, maar stelde het recht op bijstand daarna niet vast vanwege gebrek aan duidelijkheid.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. Appellant stelde in hoger beroep dat het college hem niet had geïnformeerd over de mogelijkheid van een daklozenuitkering en dat de vaste rechtspraak omtrent afzonderlijke aanvragen niet op hem van toepassing was.
De Raad oordeelde dat het college niet verplicht was om ambtshalve een daklozenuitkering toe te kennen en dat appellant zelf verantwoordelijk is voor het indienen van een juiste aanvraag. De Raad onderschreef de eerdere uitspraak en bevestigde dat de bijstand terecht beperkt was tot de periode waarin duidelijkheid over de woonsituatie bestond.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat bijstand terecht is verleend over een specifieke periode en wijst het hoger beroep af.