ECLI:NL:CRVB:2017:1573
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging boetebesluit en vervallen studiefinanciering wegens gebrek aan deugdelijke motivering
Appellant kreeg studiefinanciering toegekend als uitwonende student, maar dit werd herzien naar thuiswonend met terugvordering van te veel ontvangen gelden. Vervolgens werd een bestuurlijke boete opgelegd en de aanspraak op studiefinanciering vervallen verklaard. De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond, maar appellant ging in hoger beroep.
De Raad oordeelde dat het onderzoek naar de woonsituatie van appellant deels was uitgevoerd door een controleur die niet bevoegd was tot het houden van toezicht volgens de Wet studiefinanciering 2000. Dit maakte de bevindingen onrechtmatig verkregen bewijs. Hierdoor ontbrak een deugdelijke feitelijke grondslag voor het besluit tot boete en het vervallen van studiefinanciering.
De Raad vernietigde het bestreden besluit voor zover het de boete en het vervallen van de aanspraak betrof en herroept het eerdere besluit van 8 juli 2014 wegens hetzelfde gebrek. Tevens werd de minister veroordeeld in de proceskosten van appellant. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 19 april 2017.
Uitkomst: Het besluit tot boete en het vervallen verklaren van studiefinanciering wordt vernietigd wegens gebrek aan deugdelijke motivering en onrechtmatig verkregen bewijs.