ECLI:NL:CRVB:2017:1682
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- J.J.T. van den Corput
- H. Benek
- Rechtspraak.nl
Ontslag wegens toerekenbaar plichtsverzuim bij onrechtmatig gebruik BRP en niet naleven registratieprocedure
Appellant was sinds 2001 werkzaam bij de gemeente Spijkenisse en hield zich onder meer bezig met onderzoek naar personen en verloren/gevonden voorwerpen, met autorisatie voor het raadplegen van de BRP. Na een anonieme klacht werd vastgesteld dat appellant de BRP meerdere malen zonder rechtmatige aanleiding had geraadpleegd. Daarnaast registreerde hij niet volgens de geldende procedure een hoeveelheid gouden sieraden en andere gevonden voorwerpen, die hij later weggooide.
Het college schorste appellant en legde hem ontslag op wegens ernstig plichtsverzuim, gebaseerd op het niet functiegerelateerd raadplegen van de BRP en het bewust niet naleven van de registratieprocedure. Appellant voerde onder meer psychische stoornissen aan ter verweer, maar de Raad oordeelde dat dit niet tot niet-toerekenbaarheid leidde omdat appellant de ontoelaatbaarheid van zijn gedrag had kunnen inzien.
De Raad bevestigde dat het plichtsverzuim terecht was gekwalificeerd en dat de opgelegde straf van ontslag niet onevenredig was gezien de eisen van integriteit en professionaliteit. De eerdere uitspraak van de rechtbank Rotterdam werd daarmee bekrachtigd en het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het ontslag wegens ernstig plichtsverzuim wordt bevestigd.