ECLI:NL:CRVB:2017:176
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- E.J.M. Heijs
- M.T. Boerlage
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ongeschiktheidsontslag ambtenaar wegens veiligheidsrisico door leefomgeving
Appellante was werkzaam als Medewerker Verwerken en Behandelen bij het Arrondissementsparket en kreeg ontslag wegens ongeschiktheid op grond van artikel 98, eerste lid, aanhef en onder g, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement. Dit ontslag volgde nadat haar echtgenoot werd aangehouden met een ruime hoeveelheid softdrugs in zijn auto, wat een veiligheidsrisico voor het Openbaar Ministerie vormde.
De minister stelde dat appellantes functie onverenigbaar was met haar leefomgeving, vanwege het risico dat zij onder druk zou kunnen worden gezet door criminele contacten van haar echtgenoot. Tevens werd appellante verweten dat zij geen melding had gemaakt van haar eigen aanhouding en inverzekeringstelling wegens verdenking van een strafbaar feit. De rechtbank verklaarde het beroep tegen het ontslag ongegrond.
In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep dit oordeel. Hoewel appellante afstand hield tot haar broers met criminele antecedenten, was de situatie met haar echtgenoot anders en vormde dit een nieuw en groter veiligheidsrisico. De Raad oordeelde dat het ontslag terecht was en dat de minister zijn bevoegdheid in redelijkheid had uitgeoefend. Het functioneren van appellante in het verleden deed hieraan niet af.
Uitkomst: Het ongeschiktheidsontslag van appellante wordt bevestigd wegens het veiligheidsrisico dat haar leefomgeving vormt.