ECLI:NL:CRVB:2017:1960
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Toekenning militair invaliditeitspensioen bij PTSS en middelengebruik zonder dienstverband
Appellant, voormalig marinier uitgezonden naar Cambodja, kreeg een militair invaliditeitspensioen toegekend wegens PTSS met een invaliditeitspercentage van 20%.
Appellant stelde dat zijn latere alcohol- en drugsgebruik voortkwam uit de PTSS en dat dit een hoger invaliditeitspercentage rechtvaardigde. De deskundige Van den Bosch stelde echter vast dat het middelengebruik niet aannemelijk verband hield met de dienst en dat het traumacriterium voor PTSS twijfelachtig was.
De Raad volgde de deskundige en oordeelde dat het middelengebruik een retrospectieve veronderstelling betrof, niet passend binnen het dienstverband. De eerdere uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het militair invaliditeitspensioen van 20% wegens PTSS wordt bevestigd zonder erkenning van verband met middelengebruik.