ECLI:NL:CRVB:2017:2115
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde aanvraag studiefinanciering wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellante verzocht de minister om alsnog uitwonendenstudiefinanciering toe te kennen over de maanden april tot en met juni 2012, nadat zij eerder was omgezet naar thuiswonendenstudiefinanciering. De minister wees dit verzoek af omdat het een herhaalde aanvraag betrof zonder nieuwe feiten of veranderde omstandigheden. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond.
In hoger beroep stelde appellante dat de wijziging in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens (gba) een nieuw feit was dat tot een ander besluit had moeten leiden. De Raad overwoog dat een nieuw feit ook bewijsstukken betreft die niet eerder konden worden overgelegd, maar dat de feitelijke situatie dat appellante niet was verhuisd naar haar ouders wel bekend was bij appellante zelf en destijds in bezwaar had kunnen worden aangevoerd.
De Raad oordeelde dat de minister terecht had geoordeeld dat er geen nieuwe feiten of omstandigheden waren en dat het besluit niet evident onredelijk was. De Raad bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het bestreden besluit tot afwijzing van de herhaalde aanvraag studiefinanciering wordt bevestigd.