ECLI:NL:CRVB:2017:23
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beëindiging Ziektewetuitkering wegens geschatte belastbaarheid
Appellante was werkzaam als aardbeienplukster en meldde zich ziek wegens pijnklachten. Na beëindiging van haar dienstverband ontving zij ziekengeld op grond van de Ziektewet. Het UWV stelde op basis van een verzekeringsarts vast dat zij per 26 augustus 2013 geschikt was voor haar arbeid en beëindigde het ziekengeld.
Appellante maakte bezwaar en beroep tegen dit besluit, maar deze werden ongegrond verklaard. In hoger beroep voerde zij aan dat haar belastbaarheid onjuist was ingeschat en overhandigde nadere medische gegevens. Het UWV reageerde hierop met rapporten van een verzekeringsarts bezwaar en beroep die de medische informatie beoordeelden.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de medische beoordeling van het UWV zorgvuldig en gemotiveerd is, waarbij ook eerdere onderzoeken en medische informatie van huisartsen en specialisten zijn betrokken. De Raad acht de belastbaarheid van appellante op de datum in geding juist vastgesteld en bevestigt het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door M.C. Bruning, in aanwezigheid van griffier R.I. Troelstra, op 4 januari 2017.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot beëindiging van de Ziektewetuitkering bevestigd.